Wetenschappelijke publicaties

Psychisch onwelzijn bij nietwerkende moeders in Sint-JansMolenbeek

Deze thesis werd geschreven vanuit een gedeeld gevoel van onmacht met de vrouwen in Molenbeek die soms in zeer precaire levensomstandigheden leven en het gevoel hebben dat hun leven geen vaste grond heeft om op te bouwen. Chaos, armoede, relationele problemen, discriminatie, zich onbegrepen voelen en het gevoel van onrechtvaardigheid zorgen voor een groot psychisch onwelzijn bij deze vrouwen die we dagelijks in de huisartsenpraktijk zien.

Wanneer we in dit onderzoek te horen krijgen hoeveel patiënten in onze praktijk kampen met ernstig psychisch onwelzijn, mag het ons niet verwonderen dat Molenbeek de laatste weken zoveel in het nieuws is gekomen. In het kader van de recente aanslagen, benadrukt deze thesis nogmaals hoe belangrijk het is om verandering te brengen in deze algemene malaise onder de bevolking in deze en soortgelijke wijken.

Een structurele aanpak van alle determinanten die inspelen op de fysische en psychische gezondheid van de Molenbekenaars zou een belangrijke preventieve zet kunnen zijn in het voorkomen van verdere te betreuren uitingen van dit onwelzijn in België.

ABSTRACT

Doel van het onderzoek

Het doel van het onderzoek is tweedelig. Enerzijds willen we de hulpvraag rond psychisch onwelzijn en de causaliteit ervan bij de niet-werkende moeders van 25-50 jaar in onze praktijk in kaart brengen. Anderzijds bekijken we de redenen van therapieontrouw en zoeken we enkele nieuwe behandeltechnieken die het werk van de gezondheidswerkers kan verlichten en het psychisch onwelzijn van de patiënten kan verminderen.

Methode

Een literatuuronderzoek werd gedaan via Pubmed, Limo en de databanken van de Belgische, Vlaamse en Molenbeekse overheid. Enkele artikels werden gevonden via opleidingen en specialisten in het werkveld. Aan de hand van een enquête onderzochten we het psychisch welzijn van de onderzochte patiëntenpopulatie in de praktijk. Deze enquête bestond uit de 12 vragen van de GHQ-12, hiernaast bevroegen we ook de chronisch aanslepende pijnklachten en de tewerkstelling van de patiënten.

Via twee Nederlandstalige en een Franstalige focusgroep met gezondheidszorgmedewerkers in Brussel, behandelden we drie thema’s: herkenning van de problematiek, bespreking van de behandelvoorstellen uit de literatuur en nieuwe mogelijkheden in de behandeling.

Resultaten

Klachten van psychisch onwelzijn komen bij de onderzochte patiëntenpopulatie in de huisartsenpraktijk in Molenbeek meer dan dubbel zo vaak voor vergeleken bij de algemene Belgische bevolking in 2013. Deze uiten zich vaak in psychosomatische klachten. De determinanten die dit onwelzijn kunnen verklaren zijn het vrouwelijk geslacht, de leeftijd, de regio van afkomst, de slechte sociale netwerken, de woonplaats en de materiële levensomstandigheden: armoede, een lage opleiding en werkloosheid. De beschikbaarheid en kwaliteit van de gezondheidszorg is een belangrijke factor en ten slotte speelt ook de politieke omgeving een rol. Brusselse zorgverleners bevestigen de problematiek.

Therapietrouw hangt af van persoons-, aandoenings-, therapie- en socio-cultureel gebonden factoren. Mogelijke therapievormen omvatten groepssessies, individuele opvolging door huisarts, psycholoog of coach en het uitbreiden van sociale netwerken. Er kan nog meer gewerkt worden aan preventie en samenwerking met actoren in de wijk.

Conclusie

Onze praktijk bevat een uitzonderlijk hoog aantal patiënten met psychisch onwelzijn. Omdat therapietrouw ook therapiegebonden is, stellen we een holistische patiëntgerichte aanpak voor waarbij men nagaat welke determinanten een rol spelen in het psychisch onwelzijn van de patiënt, met nadien een gerichte aanpak in de behandeling van elk van deze determinanten.

Het vormen van een nieuw soort hulpverleners, 'coaches', die kennis hebben van de aanwezige organisaties in de wijk, die de patiënten kunnen begeleiden bij het opstellen van hun determinantenlandschap en hen vervolgens kunnen verwijzen naar de juiste hulpverlening, zou het werk van de arts en psycholoog kunnen verlichten en het psychisch onwelzijn van de patiënt verminderen. Een brede multidisciplinaire samenwerking met de aanwezige actoren in de wijk is belangrijk voor de preventie en de behandeling van het psychisch onwelzijn in onze praktijk.

U kan het onderzoek hier lezen: gvhv-mplp.be/files/(pdf)

Groepspraktijk GVHV Molenbeek
Auteur Marie-Sophie Vanderstuyft
Researchmethode Masterthesis
Periode 2016

 

Language