MANIFEST

Zonder geld naar de huisarts is

  • nodig, want meer en meer patiënten stellen gezondheidszorg uit omdat ze ze niet meer kunnen betalen.
  • goed voor de kwaliteit, omdat patiënten gratis hun huisarts kunnen raadplegen vooraleer ze beslissen een beroep te doen op specialistische zorg. De huisarts is het best geplaatst om oordeelkundig door te verwijzen indien nodig.
  • doenbaar, door het derde-betalerssysteem te veralgemenen, met volledige terugbetaling, dus zonder persoonlijke bijdrage van de patiënt. Ofwel met het systeem van forfaitaire betaling.
  • eenvoudig, omdat het de administratieve last voor de patiënt, de huisarts, de ziekenfondsen en de ziekteverzekering aanzienlijk vermindert.
  • betaalbaar, omdat het relatief weinig kost.
  • kosteneffectief, omdat het zichzelf terugverdient door de hierboven opgesomde positieve effecten.
  • rechtvaardig, omdat we samen bijdragen naar vermogen voor hen die het nodig hebben.
  • een eis die steeds meer mensen steunen.

Argumenten, feiten en cijfers

Noodzakelijk

  • Het is niet alleen nodig, maar ook dringend. 900 000 Belgen stellen een bezoek aan de huisarts uit omdat ze het niet kunnen betalen. Dat blijkt uit een recente studie over de eerstelijnszorg, in opdracht van de Europese Commissie. Als het over financiële toegankelijkheid gaat, doet België het dus niet goed. Van de 31 Europese landen staan we met dit cijfer pas op de 20e plaats.
  • De enige echte oplossing is de financiële drempel verlagen. Zo’n maatregel kan snel resultaat opleveren, dat bleek recent nog uit de cijfers van de gezondheidsenquête van 2013. Tussen 2004 en 2013 is het aantal jongeren dat zich jaarlijks laat controleren bij de tandarts spectaculair gestegen, van 63% naar maar liefst 80%. De reden hiervoor is eenvoudig: sinds 2009 wordt een jaarlijks bezoek aan de tandarts voor jongeren tot achttien jaar volledig terugbetaald.
  • Voor mensen die het financieel moeilijk hebben, werden er al stappen ondernomen om de huisarts gratis te maken. Zo kunnen patiënten met recht op een verhoogde tegemoetkoming gebruikmaken van het derde-betalerssysteem, waarbij ze niet langer zelf het deel moeten voorschieten dat het ziekenfonds terugbetaalt. Zulke selectieve maatregelen voor de laagste inkomens zijn een stap in de goede richting, maar dat is nog niet genoeg. Vele mensen kennen het systeem niet, anderen durven er niet naar vragen en sommigen voldoen net niet aan de criteria. Armoedeorganisaties klagen aan dat armen zich gestigmatiseerd voelen. Alleen een universele aanpak, eenzelfde systeem voor iedereen, is een duurzame oplossing.

Goed voor de kwaliteit

  • In de medische literatuur is men het er al lang over eens: een sterke en toegankelijke eerste lijn biedt veel voordelen voor de kwaliteit en de continuïteit van de zorg in het hele systeem. Toegankelijkheid wordt natuurlijk door verschillende factoren bepaald, maar het staat buiten kijf dat al dan niet betalen bij de arts daarbij een bijzonder grote rol speelt.
  • De verbetering van de kwaliteit heeft veel te maken met echelonnering, meer ‘getrapte zorg’. Een gezondheidszorg waar de huisarts meer centraal staat, werkt beter. De huisarts beheert het hele medische dossier, heeft een vertrouwensrelatie met de patiënt, kent de patiënt goed – niet alleen medisch, maar ook psychosociaal. Daarom is de huisarts het best geplaatst om samen met de patiënt te oordelen welke zorg nodig is.
    Vandaag zijn we nog ver van dat ideaal verwijderd. Heel wat patiënten die op de spoeddienst van een ziekenhuis terechtkomen, kunnen bijvoorbeeld beter behandeld worden door de huisarts. In de gezondheidsenquête van 2013 zegt 63 procent van de patiënten dat ze zelf het initiatief genomen hebben om een specialist te raadplegen. Slechts 24 procent van de raadplegingen vindt plaats op verzoek van de huisarts.
    Samen met een vaste inschrijving van elke patiënt is een gratis eerste lijn de belangrijkste pijler voor meer echelonnering. Als patiënten eerst gratis hun huisarts kunnen raadplegen, kan die hen beter en efficiënter doorverwijzen. Nu hebben de patiënten te vaak het gevoel dat ze twee keer moeten betalen voor dezelfde vraag. Of anders gaan ze naar spoed, waar ze niet moeten betalen.
  • Patiënten zullen sneller hun huisarts opzoeken als ze een gezondheidsprobleem hebben. Zo kan de huisarts des te meer werk maken van preventie en soms grote schade te vermijden.

Doenbaar

  • Gratis eerstelijnszorg kan makkelijk ingevoerd worden, door het derde-betalerssysteem te veralgemenen en het remgeld af te schaffen. De huisarts ontvangt het volledige bedrag rechtstreeks van het ziekenfonds. Ook het systeem van forfaitaire betaling is een optie: daarbij betalen de ziekenfondsen maandelijks een vast bedrag per patiënt aan de huisartsenpraktijk.

Eenvoudig

  • De huisarts kan rechtstreeks door het RIZIV en de ziekenfondsen betaald worden. Dit kan perfect digitaal. De huisarts hoeft geen briefjes meer te schrijven of tijd te verspillen aan de afrekening. Zo’n vermijdbare handeling neemt nu gemiddeld anderhalve minuut in beslag, 10% van de consultatietijd. De patiënt hoeft geen geld meer mee te brengen of met een briefje voor terugbetaling naar zijn ziekenfonds te gaan. Dat vermindert de administratieve kosten en rompslomp voor iedereen.
    Voorwaarde is wel dat de overheid werk maakt van zo’n efficiënt werkend elektronisch systeem, want dat staat vandaag nog niet op punt. Voor technische problemen kunnen oplossingen gevonden worden, tenminste als de politieke wil er is.

Betaalbaar

  • De maatregel kost relatief weinig. Het totale bedrag aan remgelden voor consultaties en huisbezoeken bedraagt 170 miljoen euro per jaar. Daarmee wordt de terugbetaling aan de huisarts verhoogd, zodat die geen inkomensverlies lijdt. Dat is 15 procent van het budget voor de huisartsen en 0,6 procent van het totale RIZIV-budget.

Kosten-effectief

  • De kost wordt waarschijnlijk grotendeels terugverdiend doordat de administratieve kosten verminderen en door het rationelere gebruik van de tweede lijn en de spoeddiensten. En niet te vergeten: door de winst aan therapietrouw en aan continuïteit van de zorg.
  • Sommige mensen vrezen dat gratis zorg leidt tot overconsumptie, maar die vrees is ongegrond. Vergelijkend onderzoek tussen forfaitair gefinancierde praktijken en de klassieke praktijken, toonde aan dat de patiënten uit de eerste groep niet frequenter consulteren. Misbruik kun je natuurlijk nooit volledig vermijden, zowel door patiënten als door huisartsen. Maar in een systeem van elektronische uitbetaling kunnen alle verwerkte gegevens wel doeltreffend gecontroleerd worden.

Rechtvaardig

  • Ook in ons land is sociale ongelijkheid nog altijd een grote risicofactor. Hoe lager je inkomen of scholingsgraad, hoe meer kans je hebt op een heleboel ziektes. Hoe duurder een bezoek aan de dokter wordt, hoe meer die kloof nog vergroot.
    Gelukkig is er onze sociale zekerheid om deze ongelijkheden te overbruggen. Deze collectieve pot waar wij allemaal aan bijdragen, draagt nog altijd het grootste deel van de kosten in onze gezondheidszorg. Dankzij dit herverdelingsmechanisme kunnen we de ongelijkheid terugdringen en zorg bij ziekte garanderen voor iedereen. Rijk draagt bij voor arm, jong voor oud, gezond voor ziek.
  • De huisarts is de ideale persoon om gezondheidsverschillen tussen rijk en arm zo klein mogelijk te houden. Hij kan op een laagdrempelige manier proberen problemen van ongezonde levensstijl, gebrek aan kennis, problemen in thuis of op het werk enzovoorts mee aanpakken. Net daarom is het zo belangrijk dat de financiële bijdrage voor de patiënt zo laag mogelijk blijft. Een toegankelijke huisartsgeneeskunde mag geen privilege zijn, maar zou een recht moeten zijn voor iedereen

Een eis die steeds meer mensen steunen

  • In haar rapport van 2008 zegt de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) dat het uit den boze is om mensen te laten betalen wanneer ze naar de huisarts gaan. Ook voor hen is dit een kwestie van toegankelijkheid, kwaliteit en rechtvaardigheid. Het is ook niet bewezen dat een betaalsysteem onnodige raadplegingen afremt, zegt de WHO.
  • In vijftien van de zevenentwintig landen in de EU is een bezoek aan de huisarts gratis. België is één van de weinige landen in West-Europa waar dat nog steeds niet het geval is. In Duitsland werd het remgeld voor de huisarts in 2004 ingevoerd, maar de maatregel werd na aanhoudend protest weer afgeschaft in 2012. In Nederland blijft de toegang tot de huisarts nog steeds kosteloos, ondanks de toenemende privatisering en commercialisering van de gezondheidszorg.
  • In eigen land pleiten het Netwerk tegen Armoede en andere middenveldorganisaties, en het Witboek van Dokters van de Wereld en het RIZIV voor een veralgemening van het derde-betalerssyteem. Nog duidelijker waren de vier vakgroepvoorzitters huisartsgeneeskunde in Vlaanderen: in hun visietekst voor de toekomst.

© 2015 Médecine pour le Peuple / Geneeskunde voor het Volk

Language